Tennisbaan groen bos zonnig

De Verenigings- en Ledenmonitor: verenigingen houden stand, maar zorgen over toekomst

Wat speelt er precies bij verenigingen en leden, waar liggen behoeften, waar maken ze zich zorgen over, waarover zijn ze tevreden, waarover minder en hoe kijken ze aan tegen de ondersteuning van de KNLTB? Zeker in tijden van corona allemaal heel relevante vragen. Meten is weten en dus deed de KNLTB ook in 2020 grondig onderzoek onder verenigingen en leden, middels de jaarlijkse Verenigings- en de Ledenmonitor.

Een belangrijke en zeer bemoedigende conclusie bij de verenigingen: ruim 80 procent van de verenigingen geeft eind 2020 aan dat, ondanks de crisis, de eigen financiële positie gezond of zeer gezond is, een vergelijkbaar resultaat met 2019. De financiële zorgen bij verenigingen voor de komende jaren zijn echter wel toegenomen. Waar in 2019 zo’n 30 procent van de verenigingen aangaf zich geen zorgen te maken over de financiële toekomst, is dat percentage in 2020 gedaald naar 12 procent. De coronacrisis is de belangrijkste oorzaak.

Verder waren verenigingsbestuurders tijdens de coronacrisis zeer te spreken over de ondersteuning vanuit de KNLTB. De algemene ondersteuning om de gevolgen van de crisis het hoofd te bieden, kreeg een 8,2 en de ondersteuning omtrent de financiële steunmaatregelen werd gewaardeerd met een 7,9.

Leden zijn ook in coronacrisis graag op de vereniging

Voor leden is de coronacrisis nauwelijks van invloed geweest op hun gevoel van veiligheid op de tennisbaan. Vrijwel alle ondervraagden zeggen het gevoel te hebben gehad dat ze ondanks de crisis veilig en gezond konden tennissen bij hun vereniging. Wel heeft COVID-19 de redenen om te tennissen beïnvloed. Gezelligheid en plezier blijven de belangrijkste motivatie om te tennissen, maar buiten sporten, lichaamsbeweging/gezondheid/afslanken en uitlaatklep/ontspanning worden beduidend vaker genoemd als redenen om de baan op te gaan dan in 2019. Leden waren over het algemeen in 2020 overigens zeer tevreden over de vereniging, met een gemiddeld waarderingscijfer van 8,2, het hoogste in vier jaar. Maar liefst 38 procent van de ondervraagden waardeerde de vereniging met een 9 of een 10.

Vrijwilligers en samenwerking

In het beleid van verenigingen blijft de beschikbaarheid van voldoende vrijwilligers een thema. In de Verenigingsmonitor 2020 zegt weliswaar 65 procent van de verenigingen nu voldoende vrijwilligers te hebben, maar vooral het vinden van nieuwe vrijwilligers blijkt een probleem, mede door vergrijzing en beperkte animo onder jongeren. Van de verenigingen heeft 61 procent moeite om nieuwe vrijwilligers te vinden.

En ander element in het verenigingsbeleid, samenwerking en dan met name samenwerking tussen verenigingsbestuur en leraar, was hét thema van de recente KNLTB Digitale Congresweek. De mate van samenwerking tussen bestuur en leraar vertoont sterke samenhang met de grootte van de vereniging, zo blijkt uit de Verenigingsmonitor. In het algemeen geeft 69 procent van de verenigingen aan dat er structureel overleg is tussen bestuur en leraar en zegt 53 procent dat de leraar aanwezig is bij verenigingsevenementen, zoals de jeugdcompetitie. Bij grotere verenigingen zijn die percentages met respectievelijk 84 en 83 procent echter significant hoger dan bij kleine verenigingen: 53 en 34 procent.

Actieve samenwerking tussen verenigingen onderling is lang niet overal aan de orde van de dag, maar wel onderhoudt 88 procent van de verenigingen op zijn minst een vorm van samenwerking met omliggende verenigingen. Daarvan is 14 procent heel actief bezig met samenwerking met andere verenigingen. Bovendien zit samenwerking met externe partijen zoals scholen en gemeenten in de lift. In 2018 werkte 41 procent van de verenigingen op deze manier samen en in 2020 ging het om 45 procent.

Dienstverlening KNLTB blijft goed gewaardeerd

Ten slotte de waardering van de KNLTB door de verenigingen. Gevraagd naar de algemene indruk van de KNLTB, geven verenigingen samen een gemiddeld cijfer van 7,6, hoger dan in 2019 (7,4) en een stijging van 0,6 ten opzichte van 2018. Ook valt op dat er dit jaar relatief veel 9-ens en 10-en zijn gegeven. Het percentage dat een 9 of een 10 gaf, steeg ten opzichte van 2019 van 7 naar 17 procent. Bovendien is het stijgende waarderingscijfer te zien onder zowel kleine, middelgrote als grote verenigingen.

En ook de dienstverlening van de KNLTB aan verenigingen kon rekenen op een 7,6, waarmee dat cijfer 0,4 steeg ten opzichte van 2019. Maar liefst 82 procent had in 2020 contact met de KNLTB Accountmanager in zijn regio en dat contact werd gemiddeld beoordeeld met een 8,2.

Mooie cijfers dus, maar voor de KNLTB zeker geen aanleiding om minder energie in dienstverlening te steken. Integendeel. De KNLTB blijft continu werken aan betere ondersteuning en hulp voor verenigingen. De bond beseft bijvoorbeeld dat kleinere verenigingen deels voor heel andere uitdagingen staan dan de grotere verenigingen en speelt daar op in. Komend voorjaar staan daarom webinars op het programma speciaal voor verenigingen tot 250 leden.

Benieuwd naar meer feiten en cijfers omtrent verenigingen en leden in 2020? Bekijk dan de gehele Verenigings- en Ledenmonitor.