Indoorcompetitie Haarlem laat startende tennissers proeven aan competitie

Tennisnetwerk Haarlem

Tennissers met speelsterkten 8 en 9 overtuigen om deel te nemen aan de competitie blijft voor veel verenigingen een uitdaging. En dat terwijl het spelen van competitiewedstrijden het plezier in tennis aanzienlijk vergroot. Om de drempel voor deze doelgroep zo laag mogelijk te maken, organiseert Tennisnetwerk Haarlem sinds twee jaar in de koude maanden een indoorcompetitie, speciaal voor de startende tennisser. Met succes, want het aantal teams is voor de tweede editie bijna verdubbeld.

Vier sporthallen in Haarlem zijn gastheer van de indoorcompetitie. Tussen november en maart wordt er één keer in de maand op zaterdagavond een speelronde afgewerkt. In poules van zes teams en volgens de principes van compact spelen worden er tenminste twee dubbelwedstrijden per avond gespeeld. “De sportbeheerder van elke hal verzorgt de werving, wij de organisatie”, beschrijft coördinator van Tennisnetwerk Haarlem Marieke Visser de rolverdeling. “Het principe is eigenlijk heel simpel, maar het slaat ontzettend aan bij de beginnende tennisser. Een deel van die groep ervaart het als een grote stap om mee te spelen in de Voor- of Najaarscompetitie van de KNLTB. Bij deze indoorcompetitie zit de kracht zit hem in het feit dat zij kunnen tennissen tegen spelers die in hetzelfde schuitje zitten. Vaak zijn dat tennissers die nog niet eerder competitie hebben gespeeld maar dit op termijn wel willen doen. Ook vinden zij het leuk om aan de sociale contacten te werken.”

Het is niet nodig om lid te zijn van een tennisvereniging om deel te nemen aan de indoorcompetitie. “Dat is een onderdeel om de drempel zo laag mogelijk te houden. Maar veel deelnemers uit het eerste jaar zijn na de indoorcompetitie lid geworden van een vereniging of tennissen via ons in een vrij uurtje in één van de sporthallen.”

Stap naar KNLTB competitie klein

Volgens Visser zijn veel tennissers enthousiast wanneer zij eenmaal in aanraking zijn gekomen met competitietennis. “De behoefte om competitietennis te spelen is er. Eenmaal aan de slag, krijgen de tennissers vertrouwen en plezier in het spelletje. De stap om daarna deel te nemen aan de competitie van de KNLTB wordt daardoor veel kleiner.”

De zaterdagavond is vooral gekozen om de kosten voor de tennissers zo laag mogelijk te houden. “Dat is een moment waarop de hal vaak niet wordt gebruikt, waardoor de kosten het voordeligste zijn”, weet Visser. “De deelnemers weten ruim van tevoren wanneer en hoe laat zij moeten spelen, waardoor het geheel goed planbaar is. Daarnaast is de laatste wedstrijd rond half 10 afgelopen, waardoor je daarna gezellig nog wat kunt drinken of alsnog naar een verjaardag kan.”

Sneeuwbaleffect

De tweede editie van de indoorcompetitie is met 22 teams inmiddels in volle gang. Sinds dit jaar spelen ook tennissers met speelsterkte 7 mee. Plannen om het nog grootser aan te pakken heeft de organisatie volgens Visser nog niet. “We zijn blij met de stijging van het aantal teams. Het sneeuwbaleffect van goede verhalen van deelnemers en de promotiemiddelen die we inzetten bij verenigingen hebben hier vooral aan bijgedragen. Het zou mooi zijn als we uiteindelijk naar 32 teams groeien. Daarvoor zouden we misschien nog intensiever kunnen samenwerken met verenigingen. Maar aan de andere kant hebben we laten zien dat we met de sporthaleigenaren ook een mooi toernooi kunnen neerzetten.”