Wat kun je als vereniging zelf doen?

Als vereniging kun je verschillende dingen doen om te zorgen dat alle leden in een veilige omgeving kunnen tennissen. Hieronder staan een aantal punten waar je mee aan de slag kunt op de club.

  • Geef aan bij de leden van jouw club dat ze een sociale verantwoordelijk hebben om seksuele intimidatie of ander wangedrag te melden bij het bestuur van de vereniging, zodat het bestuur actie kan (laten) ondernemen. De KNLTB heeft een meldplicht voor ernstige misdragingen, waardoor het bestuur in het geval van ernstige misdragingen de melding moet doorzetten richting de KNLTB. Bekijk hier het KNLTB meldpunt. 
  • Stel een tuchtreglement op voor jouw vereniging voor de afhandeling van meldingen die niet door de KNLTB afgehandeld moeten worden. Je kunt hiervoor het Model Tuchtreglement voor Verenigingen gebruiken, speciaal ontworpen voor de aanpak van integriteitskwesties binnen verenigingen. Deze kun je gebruiken om een eigen tuchtreglement op te stellen.
  • Indien het niet mogelijk is om te komen tot een eigen tuchtreglement kan het bestuur bij meldingen werken met een ad hoc adviescommissie om te komen tot afhandeling van de melding.
  • Stel gedragscodes/huisregels op voor de verschillende doelgroepen. Zorg dat iedereen op de club (leden, vrijwilligers, tennisleraren, ouders) bekend is met deze geldende gedragscodes/huisregels, door ze bijvoorbeeld via de ALV te laten goedkeuren. Hierdoor zijn de codes ook geldend voor iedereen. Betrek de doelgroepen eventueel ook bij het opstellen van de gedragscodes/huisregels, zodat het iets van de club wordt wat door iedereen wordt gedragen. Je kunt hiervoor de gedragscodes gebruiken die je hier kunt downloaden. Je kunt deze gedragscodes ook nog aanvullen met specifieke regels voor op jouw club.
  • Laat de gedragscodes voor vrijwilligers en trainers  door hen ondertekenen voor extra bewustwording en commitment. Ook zonder ondertekening zijn deze doelgroepen aan de gedragscodes gebonden.
  • Zorg dat informatie en gedragscodes makkelijk en eenvoudig vindbaar zijn, bijvoorbeeld op de website van de club.
  • Werk met Verklaringen Omtrent Gedrag (VOG). Zorg dat vrijwilligers en trainers een VOG aanleveren, zodat je weet wie je in huis haalt. Een VOG is niet zaligmakend, maar is wel zeer aan te bevelen. Voor vrijwilligers kun je bij NOC*NSF gratis een VOG aanvragen.
  • Naast een VOG bevelen wij het ook aan om vrijwilligers te screenen. Dit kun je doen door naar de organisatie te bellen waar hij/zij vrijwilligerswerk doet/deed en te informeren naar deze persoon.
  • Werk met een protocol voor begeleiding van minderjarigen/jongvolwassenen en andere kwetsbare groepen. Daar kunnen afspraken in komen om de leden te beschermen zoals het nimmer alleen zijn van een volwassene met een kwetsbaar persoon (4 ogen principe).
  • Vergroot de betrokkenheid van leden en ouders door hen regelmatig te informeren – bijvoorbeeld op bijeenkomsten of per e-mail – over wat de vereniging probeert te realiseren en wat daarbij van hen verwacht wordt.
  • Werk met vertrouwens(contact)personen. De vertrouwens(contact)persoon is een centraal aanspreekpunt op de club waar alle leden terecht kunnen met vragen of voor advies over een situatie op de club. In het geval van ongewenst gedrag is het vaak fijn om hierover met iemand te praten en advies te krijgen. Vertrouwenscontactpersonen kunnen een opleiding volgen via NOC*NSF. Klik hier voor meer informatie. Zorg dat de vertrouwens(contact)persoon bekend is bij alle leden en contactinformatie makkelijk te vinden is.
  • Bevorder een open cultuur in de vereniging waarin gedrag bespreekbaar is.
  • Zorg ervoor dat het terrein en de gebouwen van de club zo veel als mogelijk open en vrij toegankelijk zijn, zodat er sociale controle kan plaatsvinden.