TC Middenmeer neemt drempel voor competitietennis weg

TC Middenmeer

Niet gek lang geleden had TC Middenmeer tien teams die in competitieverband tennisten. Deze spelers behoorden tot de ‘vaste kern’ die al jaren competitietennis speelde. Maar toen een groot aantal van deze tennissers langzaam maar zeker stopte met competitietennis, holde ook het aantal teams achteruit. Onder de nieuwe leden bleek er geen animo te zijn voor competitietennis. Toen er nog slechts drie teams over waren – waarvan er twee serieus overwogen om te stoppen – greep het bestuur in en zette een wervingsactie op touw.

Het was bij de Noord-Hollandse vereniging lang geen vanzelfsprekendheid dat nieuwe leden deelnamen aan competitietennis. Volgens technisch commissielid Yvonne Gouwenberg had dat verschillende oorzaken. “Sommige leden waren er niet van op de hoogte dat de club mogelijkheden aanbood om competitietennis te spelen. Maar voor de meesten was de drempel te hoog. Nieuwe leden beginnen vaak voor het eerst met tennissen en zijn bang om iedere week te verliezen. Ook kennen zij nog niet veel mensen op de vereniging, waardoor het lastig is om een team samen te stellen. Terwijl spelers die competitietennis spelen meer binding hebben met een club en hierdoor langer lid blijven. Het was dus belangrijk dat wij er werk van maakten om leden te interesseren voor de competitie.”

Persoonlijke benadering

Middenmeer hielp de leden over het dode punt. Het deelde vóór het lopende voorjaarsseizoen flyers uit met de aankondiging dat het mogelijk was om competitietennis te spelen bij de club. Ook bracht het via de website, social media en posters in de kantine de boodschap onder de aandacht. Het persoonlijke contact met de leden leverde een positieve interactie op. “Met een gesprekje kun je de boodschap toelichten en de drempel voor hen flink verlagen”, vertelt Gouwenberg. “Veel leden reageerden enthousiast. Vervolgens brachten we alle spelers die aangaven interesse te hebben in competitietennis tijdens een bijeenkomst bij elkaar en vroegen naar hun wensen en behoeften. Op die avond vormden we de teams en bepaalden we de speeldatum en -tijdstip.”

Van drie naar twaalf teams

Deze aanpak zorgde niet alleen voor een stijging van het aantal nieuwe competitieteams, maar ook dat ploegen die dreigden uit elkaar te vallen werden aangevuld met nieuwe leden en zo bleven bestaan. Het aantal teams steeg van drie naar inmiddels twaalf seniorenploegen. “Voor de najaarscompetitie gaan wij dezelfde aanpak inzetten”, bevestigt Gouwenberg, die graag nog wel een aanpassing ziet in de competitie-indeling. “Er zou een competitie moeten komen voor beginners. Het gebeurt soms nog dat de onderlinge teamverschillen te ver uiteenlopen. Door een eerlijkere competitie halen beginnende tennissers nog meer plezier uit het spelletje.”